Twee maten en twee gewichten voor de student geneeskunde in België

DOOR JAN EGGERMONT. Het ontwerp van koninklijk besluit met betrekking tot de artsenaantallen dat de ministerraad onlangs op voorstel van minister Onkelinx heeft goedgekeurd, doet heel wat stof opwaaien. Het beoogt een ongelimiteerde toegang tot enkele medische “knelpuntdisciplines” waaronder huisartsgeneeskunde. Het schaft zo de contingentering of beperkte toegang tot deze medische disciplines af. Ogenschijnlijk een positieve maatregel om het vermeende tekort aan bijvoorbeeld huisartsen te verhelpen maar in realiteit niets minder dan een regularisering van het overschot aan gediplomeerde artsen dat het voorbije decennium in Franstalig België tot stand is gekomen. Het zet ook de ongelijke behandeling van Vlaamse en Franstalige studenten geneeskunde sterk in de verf.

Geschreven door  Jan Eggermont, vicedecaan van de Faculteit Geneeskunde. Hij tweet via @janeggermont.

Toen de federale wetgever einde jaren negentig besliste om het medisch aanbod te regelen met een numerus clausus voor artsen, reageerden de twee gemeenschappen die voor de medische opleidingen verantwoordelijk zijn hierop verschillend. Vlaanderen voerde het toelatingsexamen voor de opleidingen geneeskunde en tandheelkunde in waardoor instroom van studenten en uitstroom aan artsen min of meer in evenwicht zijn. De Franstalige zijde had geen draagvlak voor een toelatingsexamen en daar groeide gaandeweg een onevenwicht tussen instroom en uitstroom. Dit betekent een verwacht surplus van 1080 gediplomeerde artsen in 2018 in de Franstalige gemeenschap. Oftewel dat een duizendtal artsen dat tussen nu en 2018 in Franstalig België afstudeert, geen RIZIV nummer en dus geen toelating tot uitoefening van de geneeskunde, mag krijgen. Dit heeft allicht aan Franstalige zijde tot heel wat electorale druk op politici o.a. van bezorgde ouders geleid waarvoor minister Onkelinx nu bezwijkt. Hierbij verliest men echter uit het oog dat dit een fundamenteel onrechtvaardige behandeling inhoudt voor duizenden Vlaamse jongeren die door de toegangsbeperking in Vlaanderen hun droom om arts te worden niet konden waarmaken.

Logistieke en kwalitatieve nachtmerrie voor Vlaanderen

Het opblazen van de contingentering zet ook de Vlaamse toelatingsproef op de helling en schept nachtmerriescenario’s waarbij faculteiten geneeskunde meer dan 1000 studenten in het eerste jaar zullen moeten opvangen. Los van de organisatorische onmogelijkheid om voor zulke grote groepen onderwijs te verzorgen staat dit haaks op de onderwijskundige aanpak die de opleidingen geneeskunde in Vlaanderen het voorbije decennium ontwikkeld hebben. Vroegtijdig contact met de medische praktijk door allerlei stages en activerend onderwijs in kleinere groepen wordt quasi onmogelijk wat de kwaliteit van de opleiding en dus van de gevormde artsen compromitteert. Er zijn ook eenvoudigweg niet genoeg opleidingsplaatsen met voldoende klinisch aanbod om dergelijk plethora aan huisartsen en specialisten verder op te leiden. En over het verband tussen een teveel aan artsen en medische overconsumptie is al genoeg geschreven. Eén ding staat vast: het teveel aan studenten en artsen ondermijnt de kwaliteit van zowel de opleiding geneeskunde als van de gezondheidszorg in België en dit tegen een hogere kost voor de belastingbetaler.

Wie stout is krijgt lekkers, wie braaf is de roe?

Conclusie: de gemeenschap die gedurende al die jaren trouw aan de federale planning gehandeld heeft, wordt nu schaamteloos voor schut gezet. Wie al die tijd de voeten aan de federale overeenkomst gevaagd heeft, wordt beloond. Deze hele affaire is dus ook een aanfluiting van goed bestuur.
De bezorgdheid om de opheffing van de contingentering is geen corporatistische reflex zoals sommigen doen uitschijnen. Hier primeert de bezorgdheid om een kwaliteitsvolle gezondheidszorg in België en een gelijke behandeling van studenten geneeskunde in het land. De vijf Vlaamse decanen geneeskunde, de Vlaamse studenten geneeskunde en beroepsverenigingen hebben unisono in hun persmededelingen hier terecht op gewezen.

Petitie

(Update 16 01 2014) Er is heel wat gebeurd sinds het verschijnen van dit opiniestuk net voor de kerstdagen. Een  belangrijke stap is dat de Vlaamse universiteiten en hun faculteiten geneeskunde, het Vlaams Geneeskundig Studenten Overleg, de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België en bijna alle artsenverenigingen samen met Geert Verrijken, hoofdredacteur van bladen De Specialist en Medi-Sfeer een online petitie gestart zijn. Deze petitie vraagt de federale regering om het ontwerp van Koninklijk Besluit in te trekken. Ik hoop van harte dat  jullie deze petitie zullen ondertekenen en delen.

 


  1. Er moet wel dringend gewerkt worden aan de tekorten van geriaters, endocrinologen, anatoompathologen, ziekenhuispediaters , en MUG artsen, waar nu wordt op gejaagd, zelfs met head hunting bureau’s binnen en buiten het eigen land. De hoogste bieder wint tegenwoordig deze zoektocht, wat in het nadeel valtvan de kleinere regionnale ziekenhuizen met kleinere equippes.

    • Wat collega Bollen meldt is mogelijks waar, maar heeft met de kern van dit verhaal niks te zien.
      Feit is dat voor de zoveelste keer Vlaanderen, in dit verhaal toch de goede huisvader, te kakken wordt gezet.

  2. ik vind dat collega Bollen gelijk heeft, er wordt reeds jaren gevreesd voor tekorten bij de artsen, niet in het minst bij de huisartsen, heel veel collega’s zijn vijftigplussers, wie zal hen opvolgen? Wat de kwaliteit betreft: ik denk dat er veel andere mogelijkheden zijn om de kwaliteit te bewaken, los van een toelatingsexamen en het grotere aantal studenten? Wij zijn toch ook begonnen zonder toelatingsproef? Ook daar kan je op een andere manier studenten voorbereiden op de opleiding geneeskunde.

  3. ik zal de petitie ondertekenen omdat dit wetsvoorstel inderdaad fundamenteel onrechtvaardig is tov alle jongeren die geen geneeskunde konden studeren in vlaanderen tgv de toelatingsproef (die er ook voor gezorgd heeft dat veel talentvolle jongeren mét capaciteiten door een theoretische proef die te eenzijdig is geen geneeskunde konden studeren).
    daartegenover staat de vaststelling dat het contingent huisartsen in ijltempo aan het vergrijzen is (komende tien jaar heel veel pensioneringen te verwachten!), vervrouwelijkt (procentueel veel meer uitstappers/ halftijdsen, … dan bij de mannen), dat de jongeren veel minder uren werken dan de ouderen… Als we in de toekomst méér en beter aan preventie willen doen, chronische ziekten anders behandelen dan we nu doen (nu zijn we te veel loodgieters die de mankementen aanpakken als ze zich voordoen) (hoeveel tijd steken we in het uitleggen aan een patient wat diabetes is, waarom hij op zijn voeding moet letten, moet bewegen,… vééél te weinig) dan zullen er heel veel huisartsen moeten bijkomen. Zomaar het vat vullen met de overschot van de andere gemeenschap (zullen al die franstaligen dan plots wel nederlands kunnen spreken?) is niet de oplossing. Een ruimer contingent toelaten? betere praktijkondersteuning (secretariaat, verpleging, … ), maximalisering van de mogelijkheden van EMD (voorschrijven, administrat rompslomp,..), .. het zijn een aantal mogelijkheden die op vandaag veel te weinig aanwezig zijn, vertraging oplopen, …
    dus zomaar eenzijdig het wetsontwerp proberen kelderen zonder zinvolle tegenvoorstellen is mijns inziens een gemiste kans


Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s